Wat noemt Gods Woord goed?

Het woord ‘goed’ komt in het Hebreeuws van een woord dat druif heet. Spreekt Gods Woord van een goed mens, dan wordt gedacht aan een kostelijke druif, die een arme, door hevige dorst gekwelde ziel of stervend in de mond uitgedrukt – dat is goed.

Een goed mens is, dat gaat samen, ook een rechtvaardig mens. Hij voegt zich naar de gang van het leven, geeft toe en staat niet op zijn eigen inbeeldingen of gelijk. Is hij geen arme zondaar? Ja, maar hij heeft Gods wet en gebod voor ogen en voor deze geboden verootmoedigt hij zichzelf. Hij heeft geen rechthuis om anderen te oordelen, heeft er ook geen tijd voor. Hij staat voor Gods gericht, als was hij alleen daar om te belijden zijn zonde en schuld en te bidden om vergeving.

Komt hij naar buiten op straat, ziet hij daar een arme en ellendige: die moet het goed ook hebben, dat ik heb! Hij blijft voortdurend aan het goed doen, dat is zijn aard en manier, God heeft hem zo gemaakt. Hij reikt de bitterste vijand de hand, het spijt u, zo is het u ook van ganser harte vergeven!

De kwade kunnen de goeden niet uitstaan, maar de goeden kunnen alle mensen uitstaan. De goeden meten zich niet aan de anderen. Zij denken bijvoorbeeld niet: ik ben goed, maar die of die is slecht en deugd niet. Zij leven met de andere mensen, maar in hun hart is de goede keus, de keus van Ruth, uw volk is mij volk en uw God is mijn God en ik houd mij aan Gods gebod. En doen met de anderen in kwaad niet mee.

Daardoor moeten de goeden van de kwaden uit de wereld, omdat zij van Christus zijn en van Christus Geest in gerechtigheid en waarheid houden. Zij staan daarmee de kwaden in de weg. De kwaden willen rijkdom in dit leven en wanneer zij sterven dan rekenen zij op een vagevuur, een Hades (onderwereld) of iets van een tussenrijk. Moet de kwade het leven loslaten dan sterft men mooi evangelisch en roept: Heere Jezus! Ontferm U mijner! En worden door mensen die hen in het leven niet uit kon staan, in de evangelische hemel geplaatst.

De goeden – de rechtvaardigen – echter, worden gekweld. Bij hen kan het er duizendmaal uitzien of er geen God was. Houdt u aan God en Hij zal u verlaten! Blijf bij Zijn geboden en u zult te schande worden! Wat is nu waar? Dat, wanneer u goed bent, u zult beleven: eer vallen zon, maan en sterren van de hemel, dan dat God de Heere u niet tot eer zal brengen! – Psalm 9 v 12-13

Dr. H.F. Kolhbrugge, Schriftverklaringen deel 21 blz. 177-178

Scroll naar boven